De voorbreiding en uitvoering van Noord-West 380 kV duurt circa 7 jaar. Hieronder is een globale planning weergegeven, die ook aangeeft op welke momenten er inspraak mogelijk is.
Milieueffectrapportage
Een milieueffectrapportage (m.e.r.) is een wettelijk verplicht onderzoek naar de milieueffecten van belangrijke ruimtelijke beslissingen. Hiermee krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. In de m.e.r. worden verschillende tracéalternatieven tegen elkaar afgewogen aan de hand van alle relevante (milieu)criteria. De m.e.r.-procedure kent de volgende acht stappen:
Stap 1 Startnotitie
Het eerste op te stellen document in de m.e.r.-procedure is de startnotitie. Hierin geeft de minister van EZ, in samenspraak met de minister van VROM (hierna: het bevoegd gezag), aan wat het voornemen is, in dit geval een nieuwe hoogspanningsverbinding, en dat daartoe de m.e.r.-procedure wordt doorlopen. Ook wordt in de startnotitie globaal beschreven waarom deze activiteit noodzakelijk is, wat ermee wordt nagestreefd en welke milieueffecten kunnen worden verwacht. In de startnotie staan het zoekgebied en de tracéalternatieven en de te onderzoeken milieuaspecten. De startnotitie is op 25 augustus 2009 gepubliceerd.
Stap 2 Inspraak en advies
Het bevoegd gezag heeft de startnotitie ter inzage gelegd en belangstellenden konden binnen zes weken door middel van een inspraakreactie aangeven wat naar hun mening in het MER aan de orde zou moeten komen. Ook stuurde het bevoegd gezag de startnotitie voor advies aan de onafhankelijke Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie m.e.r.) en de wettelijk adviseurs (de Inspecteur-Generaal van de VROM-Inspectie en de directeur Natuur van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit). Deze brachten binnen negen weken advies uit over de te onderzoeken milieuaspecten. De Commissie m.e.r. bestudeerde bij het opstellen van haar advies de inspraakreacties. De Commissie m.e.r. is een, bij wet ingesteld, onafhankelijk orgaan van deskundigen dat, middels het geven van adviezen aan het bevoegd gezag, toezicht houdt op de objectiviteit en de kwaliteit van het MER. In de m.e.r.-procedure geeft zij advies ten aanzien van de richtlijnen en de toetsing van het MER
Stap 3 Richtlijnen
Op basis van de startnotitie, inspraakreacties en adviezen stelde het bevoegd gezag de richtlijnen vast. De richtlijnen geven aan welke aspecten in het MER behandeld moeten worden en op welke manier dat moet gebeuren.
Stap 4 en 5 Opstellen en publiceren MER
Het bevoegd gezag stelt vervolgens aan de hand van de richtlijnen het feitelijke MER op. Hierna wordt het MER tezamen met het ontwerp-rijksinpassingsplan ter inzage gelegd.
Stap 6 Inspraak en advies
Als het MER is afgerond, maakt het bevoegd gezag dit in een kennisgevingadvertentie bekend en wordt het MER gelijktijdig met het ontwerp-besluit over het tracé (het rijksinpassingsplan) en de ontwerp-vergunningen voor de hoogspanningsverbinding ter inzage gelegd. Er volgt weer een periode van inspraak en advies.
Stap 7 De commisie m.e.r.
De commisie m.e.r. wordt nogmaals om advies gevraagd. De commissie beoordeelt of in het MER de essentiële informatie om het besluit te kunnen nemen aanwezig is en verwoordt dit in een toetsingsadvies. De eerder vastgestelde richtlijnen vormen hierbij het toetsingskader. Ook de ingebrachte zienswijzen worden door de commissie meegenomen in haar toetsingsadvies.
Stap 8 Besluit
Dit is het definitieve MER. In het hierboven genoemde definitieve rijksinpassingsplan houdt het bevoegd gezag rekening met het MER en de inspraakreacties/adviezen.
Stap 9 Start bouwwerkzaamheden
De startnotitie is in de zomer van 2009 gepresenteerd. De doorloop van de hele procedure en de bouwwerkzaamheden zullen circa 7 jaar duren. De globale planning gaat er van uit de verbinding eind 2016 gereed is.